Site-navigatie

De Kindertelefoon vreest voor voortbestaan

Nieuwsbrief Jeugd – Nederlands Jeugdinstituut

Vanaf 2018 wordt de Kindertelefoon niet langer centraal gefinancierd, maar moeten 388 gemeenten afzonderlijk de jeugdhulp inkopen. Erik Ott, directeur-bestuurder luidt de noodklok in het NRC van 11 april.

Als niet alle gemeenten de zorg tijdig inkopen, heeft dat het vertrek van medewerkers tot gevolg. De Kindertelefoon is dan wettelijk verplicht een sociaal plan in gang te zetten.

De Kindertelefoon is, net als het AKJ en Sensoor, nog centraal gefinancierd tot eind 2017 via het Gemeentefonds. Die constructie werkt naar behoren, maar is in strijd met het doel van het Gemeentefonds. Het geld uit dit fonds is namelijk bestemd voor de afzonderlijke gemeenten, niet voor een koepelvereniging. Kamerlid Lilian Marijnissen, SP, heeft op 11 april Kamervragen gesteld om te voorkomen dat de Kindertelefoon haar kerntaken niet meer kan uitvoeren door het decentraliseren van de financiering.

Essentieel voor het werk van de Kindertelefoon is de anonimiteit. Zo is bijvoorbeeld de woonplaats van het kind dat belt onbekend. Dat pleit voor centrale financiering. Bij de Kindertelefoon werken 45 beroepskrachten en zeshonderd vrijwilligers met een jaarbudget van 3,8 miljoen euro. De Kindertelefoon nam vorig jaar 540.000 telefoontjes aan en handelde 80.000 chatverzoeken af en kent per dag 8.000 forumdeelnemers.

Demissionair staatssecretaris Martin van Rijn, VWS, reageerde op de noodoproep van Erik Ott in het NRC dat ‘het netjes en praktisch geregeld moet worden’.

Bron: NRC; VNG

Nederlands Jeugd instituut